Vennootschapsbelasting – eindejaarstips 2013

Vennootschapsbelasting – eindejaarstips

 

Tijdelijk maximaal 50% ineens afschrijven in 2013

In 2013 bestaat voor vennootschappen opnieuw een tijdelijke mogelijkheid om versneld af te schrijven op investeringen in bedrijfsmiddelen. Dit is mogelijk wanneer de investering in het nieuwe bedrijfsmiddel plaatsvindt in de periode 1 juli tot en met 31 december 2013. Wordt voldaan aan de voorwaarden, dan kan direct maximaal 50% van de aanschaf- of voortbrengingskosten ten laste van de winst worden gebracht. Zo kan een liquiditeitsvoordeel worden behaald in 2013, maar daar staat tegenover dat in latere jaren minder kan worden afgeschreven en de winst dus hoger uitvalt dan bij reguliere afschrijving. Om in aanmerking te komen voor de versnelde afschrijvingsmogelijkheid moet het bedrijfsmiddel vóór 1 januari 2016 in gebruik zijn genomen. Bepaalde investeringen zijn uitgesloten van de regeling. Is het bedrijfsmiddel ná 2013 voor het eerst in gebruik genomen, dan kan in 2013 maximaal het bedrag dat is betaald, willekeurig worden afgeschreven.

 

Tijdige ingebruikname bedrijfsmiddel voor versnelde afschrijving

In 2011 bestond ook een tijdelijke regeling voor versnelde afschrijving op investeringen in nieuwe bedrijfsmiddelen. Toen was het mogelijk om onder bepaalde voorwaarden maximaal 50% af te schrijven in het jaar van investering en 50% in de jaren daarna. Om hiervoor in aanmerking te komen moet het bedrijfsmiddel vóór 1 januari 2014 in gebruik zijn genomen. Bij ingebruikneming na die datum wordt een toegepaste versnelde afschrijving teruggenomen.

 

Investeringsaftrek vermindert vennootschapsbelasting

Bij investeringen in bedrijfsmiddelen zijn verschillende mogelijkheden om een deel van de investering van de Belastingdienst terug te krijgen via de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek (KIA), de energie-investeringsaftrek (EIA) en/of de milieu-investeringsaftrek (MIA). Voor de KIA mag het investeringsbedrag niet hoger zijn dan € 306.931. Bij een investering tussen € 55.248 en € 102.311 is het KIA het hoogste, namelijk een vast bedrag van € 15.470. De per 1 januari 2014 voorziene verhoging van de aftrekpercentages van de EIA en MIA gaat niet door. De EIA blijft gehandhaafd op 41,5% van het bedrag aan energie-investeringen (boven het drempelbedrag en tot een bepaald maximum) en de MIA op 13,5%, 27% of 36% (afhankelijk van de soort milieu-investering en boven het drempelbedrag).

 

Hogere drempel voor EIA en MIA/Vamil

Investeringen in bedrijfsmiddelen moeten vanaf 2014 minimaal € 2.500 bedragen om in aanmerking te komen voor de energie-investeringsaftrek (EIA) en milieu-investeringsaftrek (MIA) en/of willekeurige afschrijving milieubedrijfsmiddelen (Vamil). Dit bedrag geldt per bedrijfsmiddel, zodat sprake is van een aanzienlijke verhoging. In 2013 geldt immers een drempel van € 450 per bedrijfsmiddel en voor de EIA en MIA ook nog eens een drempel van € 2.300 aan totale investeringen in een jaar. Als er kleine investeringen zijn gepland, dan kan het voordelig zijn deze nog in 2013 te doen. Om in aanmerking te komen voor de EIA, MIA en/of Vamil moet de investering tijdig worden gemeld bij Agentschap NL. De EIA, MIA en Vamil worden vóór 2019 geëvalueerd om te bepalen of deze regelingen na 2018 ook nog worden voortgezet. Schuif energie- of milieu-investeringen daarom niet op de (al te) lange baan.

 

Investeringsaftrek voor zuinige auto’s

Zeer zuinige personenauto’s met een CO2-uitstoot van maximaal 88 gr/km (diesel) en 95 gr/km (benzine) komen alleen nog in 2013 in aanmerking voor kleinschaligheidsinvesteringsaftrek (KIA). Vanaf 2014 vervalt deze mogelijkheid. Daarom is tijdige investering van groot belang.

Voor investeringen in (semi-)elektrische auto’s blijft het wel mogelijk om milieu-investeringsaftrek (MIA) te krijgen.

 

Ook MIA voor woonhuizen en woonschepen

Op dit moment kunnen bedrijven die bijvoorbeeld investeren in het saneren van asbest of het plaatsen van zonnepanelen, in aanmerking komen voor de milieu-investeringsaftrek (MIA), tenzij wordt geïnvesteerd in een woonhuis of een woonschip. Bedrijfsmatige verhuurders van woonruimte hebben daarom geen recht op MIA. Vanaf 2014 gaat dit veranderen en komen ook bedrijfsmatige verhuurders van woonruimte in aanmerking voor de MIA voor bijvoorbeeld het saneren van asbest, al dan niet in combinatie met het plaatsen van zonnepanelen.

Deze maatregel zal vooral interessant zijn voor bedrijven die vennootschapsbelastingplichtig zijn, omdat het verhuren van woningen in de inkomstenbelasting in het algemeen niet wordt gezien als ondernemen.

 

Verruimde verliesverrekening 2009, 2010 en 2011

In de belastingjaren 2009, 2010 en 2011 was het mogelijk om de termijn voor achterwaartse verliesverrekening (“carry back”) te verlengen van één naar drie jaar. Deze keuze kan nog worden gemaakt zolang de definitieve aanslagen voor die jaren nog niet zijn opgelegd.

Voor de extra verrekeningsjaren kan maximaal € 10 miljoen aan verlies per jaar worden teruggewenteld. De keuze voor een langere carry back-termijn heeft tot gevolg dat de termijn voor voorwaartse verliesverrekening (“carry forward”) wordt ingekort van negen naar zes jaar.

 

Voorlopige verliesverrekening van 80%

Als de vennootschap 2011 met winst heeft afgesloten maar in 2012 een verlies heeft geleden, is het mogelijk om een verzoek in te dienen voor een voorlopige verliesverrekening. Dit kan alleen als de aangifte vennootschapsbelasting over 2012 is ingediend, maar de aanslag hoeft nog niet definitief te zijn opgelegd. De Belastingdienst verrekent dan alvast 80% van het vermoedelijke verlies met de winst over 2011. Dit levert een liquiditeitsvoordeel op.

 

Fiscale eenheid aangaan of verbreken

Een fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting kan voordelig zijn omdat winsten en verliezen van gevoegde vennootschappen direct met elkaar kunnen worden verrekend. Als het gewenst is dat de fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting per 1 januari 2014 ingaat, moet de aanvraag daartoe vóór 1 april 2014 worden gedaan. Als de fiscale eenheid per 1 januari 2014 moet worden verbroken, moet uiterlijk 31 december 2013 het verzoek tot verbreking van de fiscale eenheid zijn ingediend. Verbreking van een fiscale eenheid kan gewenst zijn om gebruik te kunnen maken van het lage vennootschapsbelastingtarief van 20% of van investeringsaftrek, maar ook met het oog op de hoofdelijke aansprakelijkheid voor de vennootschapsbelastingschuld of ongewenste verrekeningen van loon- en omzetbelasting van de gevoegde maatschappijen.

 

Extra aftrek voor gift aan culturele instelling tot 2018

Een schenking aan een culturele instelling levert een hogere aftrek in de vennootschapsbelasting op door de zogeheten “multiplier”. Voor de giftenaftrek in de vennootschapsbelasting mag de gift namelijk met 50% worden verhoogd met een maximum van € 2.500. De “multiplier” gold in eerste instantie voor vijf jaar (2012 tot en met 2016), maar deze periode is verlengd tot en met het belastingjaar 2017.

 

Vier maanden uitstel bij betalingsproblemen

Vennootschappen die belastingschulden niet kunnen betalen, kunnen telefonisch vragen om uitstel van betaling van maximaal vier maanden. Dit geldt alleen voor schulden tot € 20.000.

Wanneer gebruik wordt gemaakt van deze betalingsregeling, is wel invorderingsrente verschuldigd. Deze wordt vanaf 1 april 2014 verhoogd naar 4%.

 

Mogelijke toepassing thincapregeling bij gebroken boekjaar

De onderkapitalisatieregeling (“thincap”) is per 1 januari 2013 afgeschaft, dat wil zeggen dat deze regeling niet meer van toepassing is op boekjaren die beginnen op of na 1 januari 2013. Is een boekjaar in 2012 begonnen, dus bij een gebroken boekjaar, dan moet mogelijk toch rekening worden gehouden met een beperking van de aftrek van rente op een groepslening op grond van de thincapregeling, als sprake is van een teveel aan vreemd vermogen. Door voor het einde van het boekjaar de omvang van het vreemd en/of eigen vermogen aan te passen, is het mogelijk toepassing van de thincapregeling te voorkomen.

 

Vennootschapsbelasting – aandachtspunten

 

Vamil blijft in 2014 op 75%

De regeling willekeurige afschrijving voor milieubedrijfsmiddelen (Vamil) biedt de mogelijkheid investeringskosten willekeurig af te schrijven en geldt voor vennootschappen die investeren in bedrijfsmiddelen die zijn aangewezen op de Milieulijst (investeringen in het belang van de bescherming van het Nederlandse milieu). De Vamil is voor de jaren 2011 tot en met 2013 verlaagd van 100% naar 75%. De overige 25% volgt het reguliere afschrijfregime. De eerder aangekondigde verhoging van de Vamil naar 100% per 1 januari 2014 gaat niet door. Wachten met een geplande investering om die reden heeft dus geen zin. Vanaf 2014 kan de Vamil niet meer worden toegepast op personenauto’s.

 

Hogere Research & Development Aftrek

Sinds 1 januari 2012 geldt de Research & Development aftrek (RDA) voor ondernemingen die investeren in de ontwikkeling van vernieuwende producten en diensten. De RDA is een fiscale faciliteit om de directe kosten van R&D te verlagen met uitzondering van loonkosten. Voor de loonkosten geldt immers al een faciliteit in de vorm van de afdrachtvermindering voor speur- en ontwikkelingswerk (S&O). De RDA bedraagt 54% van de gemaakte investeringen die zijn gedaan in S&O en dit percentage wordt met ingang van 1 januari 2014 waarschijnlijk verhoogd naar 60. De hoogte van de RDA in 2014 wordt in december 2013 bekendgemaakt. Agentschap NL voert de RDA uit maar de verrekening van het daadwerkelijke voordeel vindt plaats via de aangifte vennootschapsbelasting.

 

Gunstig tarief in innovatiebox

Voor octrooien, patenten en immateriële activa die zijn voortgekomen uit speur- en ontwikkelingswerk (S&O) waarvoor een S&O-verklaring is gekregen, kan het interessant zijn om te kiezen voor de innovatiebox. Het effectieve tarief voor de vennootschapsbelasting voor inkomsten uit innovatieve activiteiten bedraagt slechts 5%. De verliezen op de innovatieve activiteiten zijn echter aftrekbaar tegen het normale vennootschapsbelastingtarief van 20% of 25%. Dit maakt de innovatiebox voor bv’s die zich bezighouden met S&O tot een zeer aantrekkelijke regeling.

 

Compartimentering van deelnemingsvoordelen

Een vennootschap met een of meer deelnemingen moet bij een sfeerovergang een compartimenteringsreserve vormen. Van sfeerovergang is sprake als de deelnemingsvrijstelling op een gegeven moment niet meer van toepassing is (van belaste naar onbelaste sfeer) of juist van toepassing wordt (van onbelaste naar belaste sfeer). In het eerste geval moet op de balans een belaste compartimenteringsreserve worden opgenomen en in het tweede geval een onbelaste compartimenteringsreserve. De reserve valt vrij wanneer (positieve of negatieve) voordelen worden gerealiseerd op de aandelen in de dochtervennootschap, dus bij verkoop van de aandelen maar ook bij een uitdeling van dividend. De invoering van de compartimenteringsreserve werkt terug tot en met 14 juni 2013. Dit betekent dat deze reserve op de balans moet verschijnen als na die datum deelnemingsvoordelen worden behaald. Het parlement moet deze plannen nog goedkeuren.

 

Renteaftrekbeperking voor deelnemingsschulden

Sinds 1 januari 2013 zijn rente en kosten van geldleningen die verband houden met de financiering van een deelneming niet aftrekbaar, voor zover deze bovenmatig zijn. Hierbij is de verhouding tussen het eigen en vreemd vermogen van belang. Er geldt wel een drempel van € 750.000 aan bovenmatige deelnemingsrente. Bij uitbreidingsinvesteringen is het soms toch mogelijk om de rente op de financiering van die investeringen van de winst af te trekken.

 

Renteaftrekbeperking voor overnameholdings

Als een overname wordt gefinancierd met een lening en de overnemende en over te nemen vennootschap vormen een fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting, geldt mogelijk een aftrekbeperking. De overnamerente is namelijk alleen aftrekbaar voor zover de overnameholding zelf winst behaalt. Tot € 1 miljoen is overnamerente wel aftrekbaar. Bij een overnamerente boven € 1 miljoen bestaat mogelijk toch recht op aftrek, als binnen bepaalde financieringsgrenzen wordt gebleven. Soms is het dus nodig om extra af te lossen om gebruik te kunnen (blijven) maken van renteaftrek.

 

Liquidatieverlies op deelneming is aftrekbaar

Negatieve voordelen uit een deelneming zijn niet aftrekbaar omdat deze onder de deelnemingsvrijstelling vallen. Hierop geldt één uitzondering: liquidatieverliezen. Om hiervan gebruik te maken, moet de vereffening zijn voltooid.

Bij langlopende liquidaties kan een liquidatieverlies mogelijk eerder in aftrek komen.

 

Terugkeer naar onderneming voor inkomstenbelasting

Er bestaat een fiscale faciliteit om de bv (terug) om te zetten in een onderneming voor de inkomstenbelasting (eenmanszaak of aandeel in een personenvennootschap) zonder dat daarover fiscaal hoeft af te worden afgerekend. Door de inkomsten als winst uit onderneming te gaan genieten, kan de MKB-winstvrijstelling van 14% worden benut en bestaat in beginsel recht op de zelfstandigenaftrek en overige ondernemersfaciliteiten, zoals de oudedagsreserve. Ook het overnemen van (een deel) van de bedrijfsactiviteiten van de bv door de eenmanszaak met fiscale afrekening behoort tot de mogelijkheden. Dit kan gunstig zijn wanneer de bv verliezen heeft, omdat de hierbij gerealiseerde (stille en/of fiscale) reserves kunnen worden verrekend met deze (nog verrekenbare) verliezen.

 

Verliezen uit 2004 gaan eind 2013 verdampen

Verliezen uit 2004 en eerdere jaren gaan per 31 december 2013 verdampen. Door tijdig actie te ondernemen, is verrekening van (een deel van) de verliezen wellicht toch nog mogelijk, bijvoorbeeld door stille reserves in bedrijfsmiddelen en/of activiteiten (goodwill) te realiseren.

 

Pensioen opbouwen bij eigen bv

Sinds 1 oktober 2012 gelden er nieuwe regels voor bv’s. Hierdoor kan een bv ook aandelen uitgeven zonder stemrecht. Voor het opbouwen van pensioen in eigen beheer moet een directeur-grootaandeelhouder (dga) overigens minimaal 10% van de aandelen in de bv bezitten.

Pensioenopbouw bij de eigen bv is alleen mogelijk als de dga voldoende aandelen met stemrecht bezit.

 

Vrijgestelde beleggingsinstelling

Een vrijgestelde beleggingsinstelling (VBI) hoeft geen vennootschapsbelasting te betalen en ook geen dividendbelasting in te houden. Voor een directeur-grootaandeelhouder met een kasgeldvennootschap kan een VBI aantrekkelijk zijn.

Om nog in 2013 gebruik te kunnen maken van een VBI, moet uiterlijk 31 december 2013 een verzoek daartoe zijn ingediend.

 

Schenken aan anbi via een bv

Een bv die geld schenkt aan een algemeen nut beogende instelling (anbi), heeft recht op een giftenaftrek van maximaal 50% van de winst, tot ten hoogste € 100.000.

 

Aftrek gemengde kosten

Gemengde kosten zijn kosten die zowel een zakelijk als een privékarakter hebben. Gemengde kosten komen tot een bedrag van € 4.400 niet in aftrek maar als de gemengde kosten meer dan € 4.400 bedragen, is 0,4% van de totale loonsom niet aftrekbaar. Het omslagpunt ligt dus bij € 1,1 miljoen aan loonkosten.

 

Teruggaaf bronbelasting binnen drie jaar

Als door toepassing van een belastingverdrag blijkt dat in het buitenland te veel belasting is ingehouden op dividend, rente of royalty’s, bestaat de mogelijkheid om deze terug te vragen. Meestal moet een verzoek om teruggaaf worden ingediend binnen drie jaar na ontvangst van het buitenlandse inkomen. Is dus in 2010 bronbelasting ingehouden, dan moet het verzoek uiterlijk in 2013 zijn gedaan. Bronbelasting die niet is teruggevraagd, kan niet worden verrekend met de vennootschapsbelasting en kan ook niet als kosten ten laste van de winst worden gebracht.

 

 


 

Bericht geplaatst op 10 december 2013, door